Hall of Fame

Wie hebben het beroep van verpleegkundige en verzorgende groot gemaakt? Een overzicht van krachtige voorlopers...

Bekijk dit dossier

Top 25

Stoere vrouwen en een man in de zorg. Onze top 25 van vastberaden en doortastende verpleegkundigen.

Bekijk dit dossier

Bep Engelberts (1898-1965)

Bekijk dit dossier

Hall of Fame

Wie zijn ze, die vrouwen en mannen uit de geschiedenis die het beroep van verpleegkundige en verzorgende groot gemaakt hebben? Natuurlijk kent iedereen Florence Nightingale wel, maar al die andere ambassadeurs en voorbeelden verdienen ook onze aandacht. Hier zijn ze!

- A t/m H -

Bets Bilgen (1906-1996)

Bets Bilgen was als verpleegkundige vooral georienteerd op de praktijk. Ze wist wetenschappelijke theorieën een praktische invulling te geven, waarmee de verpleging als vak vooruit kwam. Haar scherpe inzicht en arbeidsethos waren voor velen een inspiratiebron.

<
>

Jeltje de Bosch Kemper (1836-1916)

Jeltje de Bosch Kemper werd op 28 april 1836 geboren in Amsterdam. Het was destijds niet gebruikelijk dat beschaafde meisjes werkten of studeerden. Maar Jeltje stortte zich op de verbetering van de maatschappelijke positie van vrouwen, omdat ze zich nuttig wilde maken.

<
>

Voortrekkers, pioniers en rolmodellen

Wie waren de afgelopen eeuw de grote voortrekkers in de verpleging?

Bekijk dit dossier

Lientje de Bussy-Kruysse (1858-1937)

Lientje de Bussy-Kruysse was een van Nederlands eerste gediplomeerde verpleegsters. Haar grote verdienste is geweest dat zij kennis over de wijkverpleging in Nederland heeft geïntroduceerd. Het Britse model was hierbij haar voorbeeld. 

<
>

Marianne van Driel Krol (1920-2003)

Marianne van Driel Krol zette zich in voor één brede basisopleiding voor verpleegkundigen. Haar initiatieven op het gebied van wet- en regelgeving waren doorslaggevend voor de ontwikkeling van de verpleegkunde in de 20e eeuw.

<
>

Bep Engelberts (1898-1965)

Bep Engelberts werkte tijdens WO II als verpleegkundige in Nederlands-Indië. Daar was ze een voorbeeld voor velen en een onmisbare steun voor de artsen met wie ze werkte. Ze ontving op 17 augustus 1959 de Florence Nightingale Medaille. 

<
>

Aafke Gesina van Hulst (1868-1930)

Aafke Gesina van Hulst is de pionier van de wijkverpleging in Nederland. In 1894 begon zij in Harlingen met een vorm van wijkverpleging. 2 jaar later richtte zij een vereniging op die in 1902 aansluiting vond bij de Vereniging het Groene Kruis. Dankzij haar inzet verspreidde het Groene Kruis zich over heel Friesland. 

<
>

Top 25

De 130-jarige ontwikkeling van het verpleegkundig beroep heeft veel vastberaden en doortastende verpleegkundigen voortgebracht. In de meeste gevallen betreft het vrouwen, hier en daar een man. Zonder al die andere verpleegkundigen tekort te willen doen, zijn hier 25 opvallende toppers. Ze blinken uit in creativiteit, moed of belezenheid.

25 toppers in alfabetische volgorde

Claartje van Aals (1922-1943)

Claartje van Aals was van 1940 tot 1943 verpleegster in het Joods psychiatrisch ziekenhuis 'Het Apeldoornsche Bosch'. Naarmate de oorlog vorderde, kwam Claartje, van joodse huize, steeds meer in het nauw. Patienten en personeel werden op 21 januari 1943 weggevoerd.  

<
>

Cornelia (Corrie) Baas (1944-2002)

Corrie Baas was in 1991 als verpleegkundige verantwoordelijk voor de triage op de Eerste Hulpafdeling van het Rode Kruisziekenhuis te Kabul  in Afghanistan. Ondanks de dreigende situatie daar keerde ze in 1992 terug om haar werk voort te zetten. Ze kreeg op 4 februari 1994 de Florence Nightingale medaille. 

 

<
>

Jan Bastiaanse (1950-1997)

Jan Bastiaanse werkte als verpleegkundige lange tijd in het ziekenhuis, waar hij zich inzette voor Integrerend Verplegen. In 1993 werd hij de eerste directeur van het Landelijk Centrum Verpleging en Verzorging, het LCVV. Hij vond dat de oprichting van het LCVV een mijlpaal in de geschiedenis van de verpleging.

<
>

Anneke van den Bergh-Braam (1927-2014)

Anneke van den Bergh-Braam begon haar carriere als verpleegkundige. Ze studeerde vervolgens sociologie, waarna een promotie volgde. Ze werd de eerste hoogleraar Verplegingswetenschap in Nederland en produceerde diverse succesvolle leerboeken.

<
>

Bets Bilgen (1906-1996)

Bets Bilgen was als verpleegkundige vooral georienteerd op de praktijk. Ze wist wetenschappelijke theorieën een praktische invulling te geven, waarmee de verpleging als vak vooruit kwam. Haar scherpe inzicht en arbeidsethos waren voor velen een inspiratiebron.

<
>

Bien van den Brink-Tjebbes (1924-2014)

Bien van den Brink was als verpleegkundige en staffunctionaris werkzaam bij de Inspectie voor de Gezondheidzorg.  Ze ontwikkelde vanaf de jaren ’60 als eerste in Nederland een wetenschappelijke theorie over verplegen. Het begrip zelfzorg en holisme staan hierbij centraal. 

<
>

Lientje de Bussy-Kruysse (1858-1937)

Lientje de Bussy-Kruysse was een van Nederlands eerste gediplomeerde verpleegsters. Haar grote verdienste is geweest dat zij kennis over de wijkverpleging in Nederland heeft geïntroduceerd. Het Britse model was hierbij haar voorbeeld. 

<
>

Bep Engelberts (1898-1965)

Anna Elisabeth Wilhelmina Christine Engelberts, roepnaam Bep, beschouwde haar verpleegkundige werk in Nederland en Nederlands-Indië als de vervulling van een gewone plicht. Daarmee was ze een voorbeeld voor velen en een onmisbare steun voor de artsen met wie ze samenwerkte.

Bep Engelberts (1898-1965)

Bep Engelberts werkte tijdens WO II als verpleegkundige in Nederlands-Indië. Daar was ze een voorbeeld voor velen en een onmisbare steun voor de artsen met wie ze werkte. Ze ontving op 17 augustus 1959 de Florence Nightingale Medaille. 

<
>

Opleiding

Anna Elisabeth Wilhelmina Christine Engelberts, roepnaam Bep, zag het levenslicht op 6 september 1898 in Bergschenhoek. Ze kwam uit een predikantengezin. In juli 1917 behaalde ze haar diploma aan de HBS voor meisjes te Amsterdam. Al vroeg wist ze dat ze verpleegster wilde worden, een wens die haar vader in eerste instantie afkeurde. Zij zou voor zo’n loopbaan niet sterk genoeg zijn. Maar Bep had zich, buiten medeweten van haar familie, al op 19-jarige leeftijd aangemeld als leerling-verpleegster bij het Wilhelmina Gasthuis te Amsterdam. 

Helaas werd ze afgewezen vanwege haar te jonge leeftijd. Als tussenoplossing besloot ze te gaan werken in het Burgerweeshuis te Bergen aan Zee. Een jaar later solliciteerde ze opnieuw bij het Wilhelmina Gasthuis, waar geneesheer-directeur Kuiper haar nu wel ‘voldoende uitgerust’ vond. In 1918 kon ze beginnen met de opleiding tot ziekenverpleegster. Maar na 3 dagen werd Bep getroffen door de Spaanse griep, waarna haar familie en vrienden zeiden: ‘Zie je wel dat je er niet sterk genoeg voor bent!' Dat was ín haar geval tegen dovemansoren gezegd, want op 16 november 1921 mocht zij het diploma ziekenverpleegster A van het Witte Kruis in ontvangst nemen.

<
>

Het 'Tjikini' ziekenhuis in Batavia

De officiële naam van het 'Tjikini' ziekenhuis was het 'Koningin Emma Ziekenhuis', de naam 'Tjikini' kwam van een nabijgelegen kampong. Bep Engelberts werkte hier van 1939 tot 1951.


Periode
  • Van 1910 tot 1935





<
>

Tropencursus

Groepsfoto van de deelnemers aan een tropencursus, zuster Engelberts met kapje. Datum onbekend.


Periode
  • Van 1951 tot 1961





<
>

Nederlands-Indië

Een aantal maanden na het behalen van de kraamaantekening vertrok Bep in juli 1924 in dienst van het Nederlandsch Zendeling Genootschap naar Nederlands-Indië. Eenmaal aangekomen studeerde ze een half jaar Javaans en Maleis. Op 21 februari 1925 ging ze in het Zendingshospitaal van Modjowarna werken. Ze behaalde in 1931 in de kraamkliniek Mardi Santosa te Soerabaja haar diploma tot vroedvrouw. In 1935 ging ze als vroedvrouw aan de slag in een verloskundige praktijk in Batavia.

Na 4 jaar gewerkt te hebben voor het Zendingshospitaal in Malang zond het Zendeling Genootschap Zending haar uit naar het Koningin Emma Ziekenhuis ‘Tjikini’ te Batavia met als doel daar de verpleging te organiseren.

 

<
>

De Japanse bezetting

In januari 1942 viel het Japanse leger Nederlands-Indië binnen. De Japanners veroverde ook Java, waar Bep Engelberts werkte. Samen met de andere Europese verpleegsters moest Bep het ‘Tjikini’ ziekenhuis verlaten en werd ze naar het Japanse vrouwenkamp Kramat gestuurd. Gedurende de internering richtte Bep Engelberts samen met geneesheer-directeur dr. H.S. Hogerzeil een noodhospitaal op en hield ze tot september 1945 de leiding over de verpleging in het kamp. Na het einde van de Japanse bezetting ging ze terug naar het ‘Tjikini’ ziekenhuis, dat volkomen leeggeplunderd en verwaarloosd was. Ze hervatte de functie van directrice en nam opnieuw de leiding van de verpleging op zich.

<
>

Portret van Bep Engelberts als directrice op haar kamer

<
>

Terug in Nederland

Toen Bep eind 1951, na terugkomst in Nederland, de functie van directrice in het Havenziekenhuis te Rotterdam aanvaardde, wachtte haar opnieuw een pittige taak. Er moest veel verbouwd, uitgebreid en gereorganiseerd worden. In het Havenziekenhuis had Bep Engelberts de leiding over de verpleging, de opleiding van leerlingen en de persoonlijke zorg voor de patiënten. Dat deed ze zo voortvarend, dat het Havenziekenhuis een grote reputatie kreeg als opleidingsinstituut voor leerling-verpleegsters. Het aantal verpleegsters in vaste dienst groeide en veel oud-leerlingen keerden, na het verkrijgen van aanvullende diploma’s elders, graag naar het Havenziekenhuis terug.

 

<
>

Beantwoord deze vraag en ontdek welke themadossiers voor jou interessant zijn.

De voor jou geselecteerde dossiers verschijnen naast elkaar. Je kunt via het pijltje in de rode balk aan de zijkant van het dossier verder klikken.

Verberg Ontdek wat deze site jou te bieden heeft