Bien van den Brink-Tjebbes (1924-2014)

Bien van den Brink was als verpleegkundige en staffunctionaris werkzaam bij de Inspectie voor de Gezondheidzorg. Ze ontwikkelde vanaf de jaren ’60 als eerste in Nederland een wetenschappelijke theorie over verplegen. Het begrip zelfzorg en holisme staan hierbij centraal.

Bien van den Brink-Tjebbes

Voortrekkers, pioniers en rolmodellen

Wie waren de afgelopen eeuw de grote voortrekkers in de verpleging?

Bekijk dit dossier

Bien van den Brink-Tjebbes (1924-2014)

Bien van den Brink was als verpleegkundige en staffunctionaris werkzaam bij de Inspectie voor de Gezondheidzorg.  Ze ontwikkelde vanaf de jaren ’60 als eerste in Nederland een wetenschappelijke theorie over verplegen. Het begrip zelfzorg en holisme staan hierbij centraal. 

<
>

De loopbaan van Bien

Bien Tjebbes kwam in 1924 in Dordrecht ter wereld. Ze kwam al vroeg in aanraking met wat ziekte voor een gezin kon betekenen. Haar vader had tuberculose en moest regelmatig kuren. Haar voorbeeld om de verpleging in te gaan was haar tante, die verpleegster was. Als 5-jarige bond Bien een witte zakdoek om haar hoofd en voelde ze zich verpleegster. In 1943 deed ze eindexamen gymnasium B. Vanwege geldproblemen én omdat ze weigerde de loyaliteitsverklaring te tekenen, kon ze niet studeren. Ze ging de verpleging in en haalde eind 1945 het diploma algemene ziekenverpleging in het Diaconessenhuis in Naarden. Aansluitend deed ze nog de kraam- en wijkaantekening. Tussen 1952 en 1967 werkte Bien Tjebbes als wijkverpleegkundige bij verschillende kruisverenigingen.

 

Naar de universiteit

In 1967 kwam Bien Tjebbes in dienst bij de Geneeskundige Hoofdinspectie van de Volksgezondheid. Hier ging ze zich bezighouden met de verpleegkundige dienstverlening in de maatschappelijke gezondheidszorg. Vanuit deze functie besloot ze in 1969 alsnog de studie Andragogiek aan de Universiteit Utrecht te gaan volgen. Een droom kwam hiermee uit. Ze verdiepte zich tijdens de studie in tal van verpleegkundige theoretische vraagstukken en behaalde in 1974 het doctoraal. De opgedane kennis tijdens haar studie ventileerde ze in vele artikelen voor het Tijdschrift voor Ziekenverpleging en door het houden van lezingen over het belang van theorievorming in de verpleegkunde. In 1978, op 54-jarige leeftijd, trouwde ze met A. van den Brink.

Verpleegkundig model

Als een van de eersten in Nederland lanceerde Bien van den Brink-Tjebbes een verpleegkundige theorie over verplegen. Centraal hierin staan begrippen als eigen verantwoordelijkheid en een holistische mensvisie. Ze ontwikkelde een matrix van 18 zelfzorggebieden en 3 gedragsvarianten. De 18 aspecten van zelfzorg zijn onderling met elkaar verbonden en beïnvloeden elkaar. Schiet op een van die gebieden de zelfzorg tekort, dan kan een verpleegkundige dat tekort aanvullen of overnemen. Van den Brink-Tjebbes liet zich bij het ontwikkelen van het theoretisch wetenschappelijk model inspireren door de Frans-Joodse filosoof Emmanuel Levinas, die de relatie met de ander centraal stelt.

'Ik bén verpleegkundige' 

Bien van de Brink-Tjebbes was tot op hoge leeftijd actief. Ze werd actief in de politiek en sloot zich aan bij de SP, waar ze in 2014 nog op plaats 24 op de kieslijst stond. Haar politieke ambities had ze van jongs af aan meegekregen van haar vader, die lid was van de PvdA en met wie ze langs de deuren ging om te folderen. Ook op kerkelijk gebied was ze tot het laatst toe actief in de plaatselijke kerkgemeenschap. Haar Joodse achtergrond en gedegen kennis van het Oude Testament hebben haar visie op verplegen mede beïnvloed. Haar verpleegkundige theorie vormt nog steeds de basis van zorgplannen in instellingen. Bien van den Brink Tjebbes overleed 5 november 2014 op 90-jarige leeftijd in Amersfoort.

<
>

Home

Welkom op de website van het Florence Nightingale Instituut. Hier vind je allerlei themadossiers over de geschiedenis van de verpleging en verzorging. Ontdek hoe het vak zich door de jaren heen ontwikkeld heeft. Maak kennis met belangrijke vrouwen uit het vak. En deel deze informatie met anderen.

COVID-19 verhalenbank

We leven in een roerige tijd. De COVID-19 crisis is een ijkpunt in de (Nederlandse) geschiedenis. Het Historisch College FNI/V&VN wil er voor zorgen dat ook de cruciale rol van de verpleegkundigen in deze crisis goed worden gedocumenteerd.

Bekijk dit dossier

Canon

Bekijk hier de tijdlijn van de geschiedenis van de verpleging en verzorging, van 1800 tot nu

Bekijk dit dossier

Opdrachten voor het onderwijs

Speciaal voor MBO- en HBO studenten: ruim 20 educatieve opdrachten over de geschiedenis van de zorg

Bekijk dit dossier

Katholieke ziekenzorg

Katholieke religieuzen verpleegden zieken vanuit roeping en hadden tot de jaren ‘60 een belangrijk aandeel in de ziekenverpleging.

Bekijk dit dossier

Kraamzorg thuis

In Nederland was thuis bevallen de normaalste zaak van de wereld, ook nadat in andere westerse landen de medicalisering van de geboorte toenam. Nederlandse vrouwen kregen hun baby lange tijd liever thuis dan in het ziekenhuis. De kraamzorg heeft dus een lange historie.Toch daalt het aantal thuisbevallingen aanzienlijk. Hoe gaat dat verder en wat betekent die afname voor het beroep van kraamverzorgende? In dit dossier vind je de geschiedenis van de kraamzorg vroeger en nu.

Hall of Fame

Wie zijn ze, die vrouwen en mannen uit de geschiedenis die het beroep van verpleegkundige en verzorgende groot gemaakt hebben? Natuurlijk kent iedereen Florence Nightingale wel, maar al die andere ambassadeurs en voorbeelden verdienen ook onze aandacht. Hier zijn ze!

Verplegen in de wijk

Wijkverpleging staat volop in de schijnwerpers. Vergrijzing en bezuiniging maken dat de thuiszorg op een andere manier georganiseerd moet worden. Huishoudelijke hulp komt bij gemeenten te liggen, terwijl verpleging en verzorging een taak van de wijkverpleging blijven. De roep om de ‘ouderwetse wijkverpleegster’ weerklinkt. De vraag is dan natuurlijk wat voor iemand dat was. Lees hier alles over de geschiedenis en historie van de wijkverpleging.

Verplegen in het ziekenhuis

Waar verplegen we de patiënt. Thuis of in het ziekenhuis? Tegenwoordig worden patiënten - onder andere uit kostenoverwegingen - eerder naar huis gestuurd dan 25 jaar geleden. Verpleegkundigen krijgen daarom steeds meer alleen met ernstige zieken te maken. Hoe was dat in de 19e en de 20e eeuw? Hoe zagen ziekenhuizen er uit? Bestonden verpleegkundigen al en wat deden ze toen? Lees hier alles over de geschiedenis en de historie van het ziekenhuis.

De GGZ

Mensen met psychische stoornissen blijven tegenwoordig zo lang mogelijk thuis wonen. Ze worden ambulant behandeld of zelfs via internet. Patiënten heten cliënten. Oppassers en bewaarders hebben plaatsgemaakt voor verpleegkundigen of verpleegkundig specialisten in de GGZ. Lees hier meer over de geschiedenis en de historie van de GGZ.

Verplegen in de Z

Eeuwenlang zijn termen voor verstandelijk gehandicapten en psychiatrische patiënten door elkaar gebruikt. De haast eindeloze opsomming varieert van zwakzinnigen tot idioten, debielen, imbecielen, achterlijken, onvolwaardigen, onmaatschappelijken, onnozelen, waanzinnigen, gekken en dwazen. Bij verstandelijk gehandicapten of zwakzinnigen is er altijd sprake van gebrekkige verstandelijke vermogens. Het is een groep die niet of moeilijk voor zichzelf kan zorgen. De kwetsbaarheid is gebleven, maar tegenwoordig spreken we over ‘mensen met mogelijkheden’. Hoe komt dat zo? Lees hier alles over de geschiedenis en historie van de zorg voor verstandelijk gehandicapten.

Gezinszorg

De professional die organisatorische taken in een gezin overneemt, heet sinds 1997 verzorgende of helpende. Ook namen als thuisbegeleidster, ouderenhelpster of gezinshulp komen voor. Ze zijn afgeleid van de beroepsbeoefenaren die vanaf begin 20e eeuw in de gezinsverzorging werkzaam waren. Zij waren de praktische vervangsters van moeders, die hun taken in het gezin niet konden vervullen. Er werden hoge eisen aan hen gesteld. Hoe is het beroep van huisverzorgster - zoals de gezinsverzorgende vroeger heette - veranderd? Lees hier alles over de geschiedenis en de historie van de gezinszorg.

1895 - 1945

Particulier initiatief

In de 19e eeuw was de zorg voor het gezin de taak van de moeder. Als zij ziek was, had dat vaak dramatische gevolgen. Het grootste risico liepen arme huishoudens waar de vader en moeder allebei moesten werken. Het inkomen viel weg en het huishouden ontspoorde. Om ontwrichting van die gezinnen te voorkomen, riepen vermogende particulieren vanaf 1895 verenigingen in het leven. De eerste was ‘Hulp in het Huisgezin’ in Deventer en daarna volgden initiatieven in andere steden in hoog tempo. Ook de verzuilde kruisverenigingen, die vanaf het eind van de 19e eeuw het licht zagen, richtten zich op verbetering van verzorging van het gezin.

<
>

Canon van de gezinszorg

Een overzicht van de lange geschiedenis van de gezinsverzorging.

Bekijk dit dossier

’Hulp in de Huishouding’

Deze helpster van de Katholieke Vereniging ‘Hulp in de Huishouding’ vervangt de moeder in het gezin. Ze schenkt koffie voor vader en verstelt tussen de bedrijven door het linnengoed met de Singer naaimachine. Het kindje kijkt onwennig naar deze rijzige dame in wit uniform.


Periode
  • Van 1939 tot 1940





<
>

Handnaaimachine

De komst van de naaimachine verlichtte het werk van gezinsverzorgsters enorm. Het stoppen van sokken en kousen bleef een hele klus, maar dankzij de handnaaimachines, waarvan het merk Singer buitengewoon populair was, konden intensieve naaiklussen en verstelwerk sneller uitgevoerd worden. Tijdens de opleiding kwam ...

... het werk met hand- of trapnaaimachine ook aan bod. Men moest stukjes in lakens, overalls of blousjes kunnen zetten, en geblokte of gebloemde stoffen op een goede manier kunnen verstellen.


Periode
  • Van 1880 tot 1940





<
>

Beantwoord deze vraag en ontdek welke themadossiers voor jou interessant zijn.

De voor jou geselecteerde dossiers verschijnen naast elkaar. Je kunt via het pijltje in de rode balk aan de zijkant van het dossier verder klikken.

Verberg Ontdek wat deze site jou te bieden heeft