Tijdlijn

Tussen 1830 en nu komen verplegen en verzorgen tot bloei. Hoogte- en dieptepunten, kleine en grote gebeurtenissen maken hun geschiedenis. Hier vind je een globale tijdlijn van die ontwikkeling. Samen met jou maken we deze tijdlijn completer. Schrijf je mee aan deze tijdlijn?

Wie vroeger ziek was, had pech

Er waren geen goed werkende medicijnen, er was geen narcose en evenmin ziekenhuizen met operatiekamers of verpleegsters. Doktoren konden ook niet zoveel. Aderlaten, purgeren of een koude afwassing was zo’n beetje het hoogst haalbare. 

Was je ziek, dan bleef je dus gewoon thuis. Je moeder of ongetrouwde tante verzorgde je. Die hadden daar trouwens heel veel ervaring mee en deden dat vaak liefdevol. Het hoorde er gewoon bij.

<
>

Nieuws

Het laatste nieuws van en over het Florence Nightingale Instituut vind je hier.

Bekijk dit dossier

1800 - 1880

Verplegen deed je thuis

Tot 1880 liet iedereen die het kon betalen zich thuis verplegen. Dit gebeurde vaak door naaste familieleden of religieuzen. Gasthuizen vingen de zieken op die niemand hadden om op terug te vallen. Pas in de tweede helft van de 19e eeuw ontstonden de voorlopers van de hedendaagse ziekenhuizen. In die tijd was nog weinig bekend over oorzaken van ziektes en over effectieve behandelingen. Het belang van handen wassen, de basis voor een goede hygiëne, was nog maar net ontdekt. De meeste medicijnen die artsen nu voorschrijven, bestonden nog niet en de röntgenfoto moest nog uitgevonden worden. Ongeschoolde zaalmeiden en zaalknechten werkten in de ziekenzalen en er waren nog geen verpleegkundigen.

<
>

1837: Zusters van Liefde

Vier katholieke zusters kwamen per koets naar de hoofdstad en gaven het startsein voor verpleging aan huis. Zij verpleegden uit roeping en naastenliefde. Hun initiatief was een groot succes en de voorloper van het huidige Verzorgingshuis Bernardus.

<
>

Verplegen in het ziekenhuis

Waar verplegen we de patiënt - thuis of in het ziekenhuis? Tegenwoordig worden patiënten - onder andere uit kostenoverwegingen - eerder naar huis gestuurd dan 25 jaar geleden. Verpleegkundigen krijgen daarom steeds meer alleen met de ernstige ziektegevallen te maken. Hoe was dat in de 19e en de 20e eeuw? Hoe zagen ziekenhuizen er uit? Bestonden verpleegkundigen al en wat deden ze toen?

1830 - 1880

A-diploma Geertruida de Boer

A-diploma ontvangen na de opleiding in het gemeenteziekenhuis in Schiedam. Tevens bewijs van uitreiking van het bijbehorende insigne met nummer 59315. Het diploma geeft de bevoegdheid tot het voeren van de titel verpleegster. Het diploma zit gevouwen opgeborgen in een omslag van karton en groen linnen met aan de ...

... binnenzijde een lint voor de bevestiging van het diploma. Het omslag toont een afbeelding van het insigne ziekenverpleging en een tekst in vergude letters. In het omslag bevindt zich tevens een instructie tot het dragen van het insigne.


Titel
  • A-diploma van Geertruida Catharina de Boer (Truus) uitgereikt op 12 mei 1960

Periode
  • 1960

Afmetingen soort
  • Diploma hoogte: 31 cm breedte: 44 cm
  • Omslag hoogte: 17 cm breedte: 12 cm





<
>

Verplegen deed je meestal thuis

Tot 1880 liet iedereen die het kon betalen, zich thuis verplegen. Dit gebeurde vaak door naaste familieleden of religieuzen. Gasthuizen vingen degenen op die niemand hadden om op terug te vallen. Pas in de tweede helft van de 19e eeuw ontstonden de voorlopers van de hedendaagse ziekenhuizen. In die tijd was nog weinig bekend over oorzaken van ziektes en over effectieve behandelingen. Het belang van handen wassen, de basis voor een goede hygiëne, was nog maar net ontdekt. De meeste medicijnen die artsen nu voorschrijven, bestonden nog niet en de röntgenfoto moest nog uitgevonden worden. Ongeschoolde zaalmeiden en zaalknechten werkten in de ziekenzalen en er waren nog geen verpleegkundigen.

<
>

Geglazuurde terra-cotta po

<
>

Zaalmeiden en -knechten

Gasthuizen waren geen fijne plek om heen te gaan. Niet voor patiënten en niet voor verzorgenden. Zaalmeiden en -knechten kwamen vaak uit arme gezinnen, waren ongeschoold en moesten de kost verdienen. Sommigen namen het niet zo nauw met de regels. Er zijn verhalen bekend van meiden en knechten die zich tegoed deden aan eten dat voor patiënten was bestemd. De donkere gangen van de gasthuizen zouden regelmatig getuige zijn geweest van al dan niet gewenste intimiteiten. Onder andere gegoede dames als Anna Reynvaan brachten in de tweede helft van de 19e eeuw verandering in deze wantoestanden. Op die manier begonnen ze met de professionalisering van de verpleging.

<
>

Kraamzorg thuis

In Nederland was thuis bevallen de normaalste zaak van de wereld, ook nadat in andere westerse landen de medicalisering van de geboorte toenam. Nederlandse vrouwen kregen hun baby lange tijd liever thuis dan in het ziekenhuis. Toch daalt het aantal thuisbevallingen aanzienlijk. Hoe gaat dat verder en wat betekent die afname voor het beroep van kraamverzorgende?

Verplegen in de wijk

Wijkverpleging staat volop in de schijnwerpers. Vergrijzing en bezuiniging maken dat de thuiszorg op een andere manier georganiseerd moet worden. Huishoudelijke hulp komt bij gemeenten te liggen, terwijl verpleging en verzorging een taak van de wijkverpleging blijven. De roep om de ‘ouderwetse wijkverpleegster’ weerklinkt. De vraag is dan natuurlijk wat voor iemand dat was.

Zorg! Wat weet jij ervan?

Het Florence Nightingale Instituut (FNI) is het kenniscentrum van de geschiedenis van de verpleging en verzorging. In de zorg werken ruim 400.000 mensen als verplegende of verzorgende. Een vak om trots op te zijn! Maar wat weet jij eigenlijk over de geschiedenis hiervan? Vul de quiz in vóór 1 juli 2014, laat je contactgegevens achter en maak kans op een ipad mini of 1 van de 10 no nurses no future pakketten.

Dag van de Verpleging

Als je op internet zoekt naar ‘Dag van …’ lijkt het wel of er elke dag iets te vieren of te herdenken valt. Je moet dus van goeden huize komen om je daartussen staande te houden. De ‘Dag van de Verpleging’ doet dat in Nederland al een halve eeuw. Waarom is die dag in het leven geroepen en hoe is de ontwikkeling verlopen? Gaat het om meer dan een plakje cake bij de koffie?

Vlag Dag van de Verpleging

Dit jaar wordt de Dag van de Verpleging voor de 50e keer gevierd. En jaarlijks wappert er dan wel ergens bij een instelling in ons land de speciale vlag van de Dag van de Verpleging. Een prachtig symbool, maar inmiddels wel enigszins gedateerd. Daar moet nu verandering in komen.

Nieuws

In dit nieuwsdossier vind je het laatste nieuws van en over het Florence Nightingale Instituut. We houden je op de hoogte van relevante ontwikkelingen, maar ook van nieuwe themadossiers op deze website.

Nannie Blogt

Onze directeur drs. Nannie Wiegman, historicus en verpleegkundige van huis uit, blogt regelmatig. Dit gebeurt meestal naar aanleiding van actuele ontwikkelingen die zij in haar blog becommentarieert en in historisch perspectief plaatst.

Verplegen in de psychiatrie

Mensen met psychische stoornissen blijven tegenwoordig zo lang mogelijk thuis wonen. Ze worden ambulant behandeld of zelfs via internet. Patiënten heten cliënten. Oppassers en bewaarders hebben plaatsgemaakt voor verpleegkundigen of verpleegkundig specialisten in de GGZ. Lees hier hoe deze veranderingen tot stand gekomen zijn.

Verplegen in de Z

Eeuwenlang zijn termen voor verstandelijk gehandicapten en psychiatrische patiënten door elkaar gebruikt. De haast eindeloze opsomming varieert van zwakzinnigen tot idioten, debielen, imbecielen, achterlijken, onvolwaardigen, onmaatschappelijken, onnozelen, waanzinnigen, gekken en dwazen. Bij verstandelijk gehandicapten of zwakzinnigen is er altijd sprake van gebrekkige verstandelijke vermogens. Het is een groep die niet of moeilijk voor zichzelf kan zorgen. De kwetsbaarheid is gebleven, maar tegenwoordig spreken we over ‘mensen met mogelijkheden’. Hoe komt dat zo?

Verplegen in de thuiszorg

Thuiszorg is een koepelbegrip dat wijkverpleging, gezinszorg, kraamverzorging, ouderenzorg en zorg voor chronisch zieken en gehandicapten omvat. Nu ingrijpende wijzigingen in de zorg voor de deur staan, leidt het begrip thuiszorg nogal eens tot spraakverwarring.

Gezinszorg

De professional die organisatorische taken in een gezin overneemt, heet sinds 1997 verzorgende of helpende. Ook namen als thuisbegeleidster, ouderenhelpster of gezinshulp komen voor. Ze zijn afgeleid van de beroepsbeoefenaren die vanaf begin 20e eeuw in de gezinsverzorging werkzaam waren. Zij waren de praktische vervangsters van moeders, die hun taken in het gezin niet konden vervullen. Er werden hoge eisen aan hen gesteld. Hoe is het beroep van huisverzorgster - zoals de gezinsverzorgende vroeger heette - veranderd?

Literatuur

Wil je meer te weten komen over de historie van de verzorgende en verpleegkundige beroepen? We hebben een literatuurlijst met een aantal standaardwerken voor je samengesteld, die samen een goed overzicht geven van de ontwikkeling en de geschiedschrijving

Hall of Fame

Wie zijn ze, die vrouwen en mannen die het beroep van verpleegkundige en verzorgende groot gemaakt hebben? Natuurlijk kent iedereen Florence Nightingale wel, maar al die andere ambassadeurs en voorbeelden verdienen ook onze aandacht. Hier zijn ze!

Bets Bilgen (1906-1996)

Bets Bilgen was een enthousiaste en praktische verpleegkundige. Doordat ze wetenschappelijke theorieën een praktische invulling wist te geven hielp ze de verpleging als vak verder. Haar enthousiasme, haar scherpe inzicht en haar arbeidsethos waren voor velen een belangrijke inspiratiebron.

Jeltje de Bosch Kemper (1836-1916)

Jeltje de Bosch Kemper werd op 28 april 1836 in een welgestelde familie in Amsterdam geboren. Het was niet gebruikelijk dat beschaafde meisjes werkten of studeerden. Maar Jeltje wilde zich nuttig maken en stortte zich op de verbetering van de maatschappelijke positie van vrouwen en verpleegsters.

Lientje de Bussy-Kruysse (1858–1937)

Lientje Kruysse was een van Nederlands eerste gediplomeerde verpleegsters. Haar grote verdienste is dat zij kennis uit het buitenland in Nederland heeft geïntroduceerd. Zo heeft zij de wijkverpleging in diverse steden georganiseerd naar het toonaangevende Brits model.

Marianne van Driel Krol (1920-2003)

Marianne van Driel Krol werd in 1920 in Haarlem geboren. Zij zette zich in voor één brede basisopleiding voor verpleegkundigen. Haar initiatieven op het gebied van wet- en regelgeving waren doorslaggevend voor de ontwikkeling van de verpleegkunde in de 20e eeuw .

Bep Engelberts (1898-1965)

Anna Elisabeth Wilhelmina Christine Engelberts, roepnaam Bep, beschouwde haar verpleegkundige werk in Nederland en Nederlands-Indië als de vervulling van een gewone plicht. Daarmee was ze een voorbeeld voor velen en een onmisbare steun voor de artsen met wie ze samenwerkte.

Educatie

Het Florence Nightingale Instituut ontwikkelt van oudsher op vernieuwende wijze educatief materiaal. Dit doen we om leerlingen en studenten inzicht te geven in de ontwikkelingen die het vak verpleging en verzorging heeft doorgemaakt. We zijn ervan overtuigd dat geschiedenis een plek in het curriculum verdient, of het nu verplicht is of niet. Ons motto luidt niet voor niets: ‘the future of nursing is built on the past’.

Onderzoek

Het Florence Nightingale Instituut wil zich profileren als kenniscentrum. We vinden het belangrijk dat er meer onderzoek wordt gedaan naar de geschiedenis van de verpleging en verzorging. De uitkomsten hiervan vormen de basis voor al onze activiteiten. Of het nu gaat om deze website met themadossiers, onze educatieve opdrachten voor studenten van HBO-V’s en MBO’s of om onze events voor de zorg.

<
>

Promotieonderzoek

Het zoeken naar een geschikte vorm voor het financieren van promotieonderzoeken is ingewikkeld. Universiteiten zijn niet gewend aan het beurzensysteem, dat de Stichting Zuster Vernède voor ogen heeft.

In 2014 gaat de Stichting Zuster Vernède, in nauw overleg met het Florence Nightingale Insituut, hogescholen en de universiteit, beurzen uitgeven voor promotieonderzoek naar thema’s uit de geschiedenis van de verpleging.

Prof. dr. Marieke Schuurmans, hoogleraar aan de Universiteit Utrecht en lector aan de Hogeschool Utrecht is een van de promotors.

<
>

Wetenschappelijke adviesraad

Om het onderzoek in goede banen te leiden, heeft het FNI een adviesraad met experts uit verschillende disciplines.

Dit omdat we een zo breed mogelijke samenwerking voorstaan en een onderzoeksgroep voor ons zien die discipline-overstijgend te werk kan gaan.

In de wetenschappelijke adviesraad zitten:

 

  • Prof. dr. F.G. (Frank) Huisman, hoogleraar Medische Geschiedenis, Utrecht
  • Prof. dr. M. (Marieke) Schuurmans, hoogleraar Verplegingswetenschap aan het UMC Utrecht en lector Ouderzorg aan de Hogeschool Utrecht en Chief Nursing Officer van het Ministerie van VWS
  • Prof. dr. M.J. (Marjan) Schwegman, directeur van het Instituut voor Oorlogs-, Holocaust- en Genocidestudies (NIOD), Amsterdam
<
>

Onderwijs

In Nederland is de interesse voor de geschiedenis van het vak de afgelopen jaren toegenomen. Een goed voorbeeld is de aandacht voor de Dag van de Verpleging. En af en toe vindt er een promotie naar een verpleegkundig-historisch thema plaats. Daarentegen ontbreekt het vak geschiedenis van de verpleging en verzorging sinds 1996 in het curriculum van de opleiding tot verpleegkundige. In landen als Engeland, Duitsland, Denemarken en Amerika behoort dit vak wel tot het curriculum. Internationaal gezien staan we dus nog in de kinderschoenen als het gaat om (wetenschappelijk) onderzoek en de toepassing in het onderwijs. Om die achterstand in te lopen, zoekt het Florence Nightingale Instituut internationaal meer aansluiting.

<
>

Literatuur

Op zoek naar geschikte titels om je verder te verdiepen in de geschiedenis van verpleging en verzorging? Kijk dan hier.

Bekijk dit dossier

Beantwoord deze vragen. Dan tonen we de voor jou relevante themadossiers.

Verberg Voor jou, omdat je alles wilt zien