Trots op de Zorg
Wie tegenwoordig in de ouderenzorg werkt, moet stevig in zijn of haar schoenen staan. Gelukkig doen de meeste verzorgenden en verpleegkundigen dat ook! Ze hebben weloverwogen voor dit vak gekozen en doen het werk met passie en plezier. Het negatieve beeld van hun beroep proberen ze zoveel mogelijk te negeren, hoewel dat soms niet meevalt.De angel zit elders. Het is vooral de samenleving, gesteund door de media, die ‘verzorgen’ niet als een echt beroep ziet. Verzorgen is in deze optiek ‘iets dat iedereen wel kan’. Die insteek versterkt het relatief onaantrekkelijke beeld van het vak van ‘verzorgende’. En daarnaast: billen wassen en mensen eten geven, wat is daar nu zo inspirerend aan…!? Op verjaardagsfeestjes wordt dit zo nu en dan nog eens breed uitgesponnen, tot verdriet en ergernis van de zorgmensen…
Investeren
Dus moeten we in onze verzorgenden investeren. Tenminste, als we als samenleving de mensen die nu in de ouderenzorg werken willen behouden. En als we de zekerheid willen dat er voor de toekomst voldoende gemotiveerde jongeren kiezen voor een baan in de ouderenzorg. We moeten de verzorgenden laten voelen dat we ze intens waarderen en dat ze onmisbaar zijn voor een gezonde samenleving. En dat al decennia lang.
Het Ministerie van VWS heeft dit goed begrepen en heeft daarom al in 2006 een campagne gelanceerd die tot doel heeft werkers in de ouderenzorg een hart onder de riem te steken: de Campagne Trots op de Zorg. Behalve het Florence Nightingale Instituut met het deelproject Zusters on tour, zijn ook V&VN, Sting en ActiZ actief bij deze campagne betrokken. De campagne is in 2007 officieel afgesloten, maar werken aan beroepstrots eindigt nooit. Meer weten over nog lopende activiteiten? Neem dan contact op met STING, V&VN of Actiz.
print pagina




