Banner foto

Jeltje de Bosch Kemper (1836-1916)

 
Jeltje de Bosch Kemper wordt op 28 april 1836 geboren in Amsterdam. In haar tijd was het niet gebruikelijk dat meisjes  van beschaafde komaf werkten of studeerden. Omdat ze geen zin in een huwelijk had maar zich toch nuttig wilde maken, stortte Jeltje zich op de verbetering van de maatschappelijke positie van vrouwen.
 
Carrière
Jeltje de Bosch Kemper reageerde op de oproep voor hulp bij het stichten van een Algemene Nederlandse Vrouwenvereniging. Uit de Vereniging Arbeid Adelt kwam een nieuwe vereniging voort namelijk ‘Tesselschade’ (1872). Tesselschade stelde opleiding en arbeid centraal. Aanvanke­lijk als be­stuurslid en later als voorzitter van Tessel­schade had Jeltje de Bosch Kemper grote invloed op de activi­teiten van de jonge vereni­ging. Naast het intensieve bestuurswerk hield ze zich vooral bezig met het concreet creëren van oplei­dings­mogelijk­heden voor vrouwen.
Het was dan ook niet verwon­derlijk dat de vier ge­neeskundi­gen, die samen de 'Com­missie voor de Opleiding van Zieken­ver­pleeg­sters' vormden, zich in 1878 tot de alom gewaar­de De Bosch Kemper wendden. In haar zagen de medici de juiste persoon die hen kon helpen bij het opzetten van een opleiding voor zieken­verpleegsters. Een nieuw type ziekenverpleegster moest immers ingezet worden om de Amsterdamse gasthuizen van hun negatieve imago te ont­doen. De Bosch Kemper was een buitengewoon aantrekkelijke partner om dit plan ten uitvoer te brengen, want net als De Bosch Kemper met haar werkzaamheden in Tesselschade waren ook zij op zoek naar be­schaafde, onge­huwde vrou­wen.
In 1878 werd de ‘Vereeniging voor Ziekenverpleging’ opgericht. De Bosch Kemper nam plaats in het bestuur. Met de opleiding tot verpleegsters werd een begin gemaakt, door middel van een zeer eenvoudige theoretische cursus. Om het goede voorbeeld te geven nam ook Jeltje de Bosch Kemper deel aan deze cursus. Ze was rond het jaar 1881 niet alleen bestuurslid van de Afdeling Ziekenverpleging van het Witte Kruis maar ook bestuurslid van de Vereniging het Witte Kruis zelf.
 
Samen met Anna Reynvaan komt zij tot de conclusie dat er een tijdschrift moet komen voor zusters, artsen en ziekenhuisbesturen. In de inleiding van het eerste nummer (1890) beargumenteert ze het belang van zo’n contactblad: informatie en mededelingen verspreiden en zo een band vormen tussen de verplegenden. De Bosch Kemper was van 1890 tot 1913 'voorzitster' van het ‘Maandblad voor Ziekenverpleging’, het huidige Tijdschrift voor Verpleegkundigen (TvZ).  
 
Congres
Tijdens een vergadering op 13 november 1891 die ging over de eisen aan het verpleegkundig beroep, smeedde Jeltje de Bosch Kemper met anderen het plan voor het eerste verpleegkundige congres. Deze ‘Samenkomst van Belangstellenden in Ziekenverpleging’ werd op 4 en 5 oktober 1892 in het Wilhelmina-Gasthuis te Amsterdam gehouden. Dat een congres werd geleid door een vrouw, was in die tijd nog zeer ongebruikelijk. De opkomst was enorm: verpleegsters, particulieren, doctoren, predikanten en directeuren van ziekenhuizen uit heel Nederland waren aanwezig.
Uit het verslag van het congres dat als bijlage in het Maandblad voor Ziekenverpleging (1892) werd uitgebracht, blijkt dat er vele ideeën en aanbevelingen werden aangedragen om het verpleegkundige beroep tot een professie te maken. Dit succes leidde in 1893 tot de oprichting van de ‘Nederlandsche Bond voor Ziekenverpleging ‘. In het bestuur zaten  Anna Reynvaan, Dr. Blooker, Dr. Van Deventer als leden en Jeltje de Bosch Kemper als presidente.
 
Visie

De verdienste van Jeltje de Bosch Kemper is dat ze het verpleegkundig beroep in Nederland op de kaart gezet heeft. Haar drijfveer was tweeledig: een betere verpleging van zieken en een beschaafde en betaalde beroepsmogelijkheid voor vrouwen. Met haar ijverige propaganda in het Maandblad heeft ze voor deze twee doelen permanent gestreden. De Bosch Kemper streefde naar een systematische verpleegstersopleiding, waarin zowel de  theorie als de praktijk aan bod kwamen.

Jeltje de Bosch Kemper was tot op hoge leeftijd nog actief voor de Vereniging Tesselschade en de Ziekenverpleging. Op haar zestigste verjaardag in 1886 werd zij benoemd tot Ridder in de Orde van Oranje Nassau, een eerbetoon dat ongewoon was voor een vrouw. Alle verenigingen waarvoor zij zich had ingezet boden haar een erelidmaatschap aan. Vanwege haar gezondheid trok ze zich na 1913 steeds meer terug uit het openbare leven. Op 16 februari 1916, op tachtig jarige leeftijd, stierf Jeltje de Bosch Kemper.

Terug naar Hall of Fame
 
 
 
 
 


print pagina