Educatie

Wij zijn ervan overtuigd dat geschiedenis in het onderwijs van toekomstige verpleegkundigen thuis hoort. Daarom ontwikkelt het Florence Nightingale Instituut van oudsher op vernieuwende wijze educatief materiaal. Dit doen we om studenten verpleegkunde inzicht te geven in de ontwikkelingen die het vak verpleging heeft doorgemaakt.

Geen gelopen race

Geschiedenis als vak in de opleiding van MBO- en HBO-studenten is nog een wilde droom en zeker geen gelopen race. Vragen als ‘wat heeft een student eraan’ en ‘hoeveel tijd kost het de docent’ overheersen. Hoe bereiken we die droom?

Sinds 1996 zit de geschiedenis van ons vak niet meer in het curriculum. Wat een misser is dat geweest! Hiermee is namelijk de vraag naar historische reflectie naar de achtergrond verdwenen. De uitdaging is nu om die vraag weer actueel te maken en flink aan te wakkeren. Het aanbod is er inmiddels wel. Vanaf januari 2015 staan 22 mooie onderwijsmodules voor MBO en HBO, gebaseerd op Activerende Didactiek, online.

Voor docenten is er een afgeschermde omgeving waar ze antwoorden en een uitgebreide toolkit kunnen raadplegen. Voor hen is het noodzakelijk om zich te laten registreren, voor studenten zijn de opdrachten op invulbare pdf’s zo te maken. Inmiddels ontvangen 150 Verpleegkunde-docenten, waaronder een 10-tal Vlaamse collega’s, de docentennieuwsbrief met extra informatie. Meer weten of inschrijven? Meld je aan op www.fni.nl/opdrachten-voor-het-onderwijs

<
>

Hoezo geschiedenis?

Het vak verpleging kan niet zonder historisch perspectief. De zorg staat immers aan de vooravond van grote veranderingen. Mensen worden ouder, leven langer, blijven langer thuis. Verpleegkundigen spelen in al die veranderingen een essentiële rol, en dat doen ze al sinds 1880. Het Florence Nightingale Instituut wil aankomend verpleegkundigen goed toerusten voor die rol. Studenten verpleegkunde moeten weten waar ze vandaan komen en hun wortels kennen. Dat maakt ze sterk voor de toekomst; hún toekomst.

<
>

Opdrachten voor het onderwijs

Bekijk al onze MBO- en HBO-opdrachten over de geschiedenis van de zorg.

Bekijk dit dossier

125 jaar verpleegkundige opleidingen

Februari 2015 - Dit jaar bestaat TvZ maar liefst 125 jaar! Een mooie aanleiding om terug te blikken. Nannie Wiegman, directeur van het Florence Nightingale Instituut, neemt ons mee door meer dan een eeuw verpleegkunde in Nederland. In het februari-nummer: 125 jaar verpleegkundige opleidingen.

Lees het volledige artikel

<
>
<
>

Dag Prinsengracht

In 1857 beleefde de verpleging in Amsterdam een hoogtepunt. Op de Prinsengracht 769 gingen de deuren van een imposant ziekenhuis open. Het deftige gebouw was bedoeld voor de huisvesting en opleiding van de pleegzusters. Het Prinsengrachtziekenhuis ontving in het begin weinig patiënten. De kleinschaligheid van het ziekenhuis werd de kracht. De kracht van de Gracht. Eind 2014 sloot dit unieke opleidingsziekenhuis definitief zijn deuren. In dit dossier leggen we de bijzondere historie vast.

De gracht in de media

In de media is veel aandacht besteed aan de sluiting van het Prinsengrachtziekenhuis. De sluiting roept veel emoties en herinneringen op.
Benieuwd naar een sfeerimpressie?

Lees dan het artikel uit de Volkskrant of het blog van een oud-verpleegkundige.

<
>

De kracht van de gracht

Toen en Nu - oktober 2014
Dat het Prinsengrachtziekenhuis gaat sluiten, is niemand ontgaan. Maar wat was ‘de kracht van de Gracht’ nu eigenlijk? Je vindt het antwoord in onze rubriek ‘Toen en nu’ die we maandelijks schrijven voor Nursing.

Lees het volledige artikel

<
>

Portret van de eerste pleegzuster,1850

<
>

Pleegzusters

Om de ziekenzorg in de thuissituatie te verbeteren, richtten Amsterdamse artsen, weldoeners en predikanten in 1843 de ‘Vereeniging voor Ziekenverpleging’ op. Een wereldwijd uniek initiatief voor dat moment. Een van de trekkers was de arts Jan Pieter Heije, die ook het bekende ‘Zie de maan schijnt door de bomen’ schreef.

Het doel van de Vereeniging was vrouwen op te leiden tot pleegzusters. Het vooruitstrevende aan dit initiatief was, dat het ging om lekenverpleegsters, niet om religieuze zusters. De sollicitanten moesten van onbesproken gedrag zijn, ongehuwd en geen zorg voor kinderen hebben. De pleegzusters verpleegden aan huis en hielpen de arts met aderlaten en purgeren. 

<
>

Jan Pieter Heije, oprichter van de Vereeniging voor Ziekenverpleging, 1843

<
>

Verplegen in de Z

Eeuwenlang zijn termen voor verstandelijk gehandicapten en psychiatrische patiënten door elkaar gebruikt. De haast eindeloze opsomming varieert van zwakzinnigen tot idioten, debielen, imbecielen, achterlijken, onvolwaardigen, onmaatschappelijken, onnozelen, waanzinnigen, gekken en dwazen. Bij verstandelijk gehandicapten of zwakzinnigen is er altijd sprake van gebrekkige verstandelijke vermogens. Het is een groep die niet of moeilijk voor zichzelf kan zorgen. De kwetsbaarheid is gebleven, maar tegenwoordig spreken we over ‘mensen met mogelijkheden’. Hoe komt dat zo?

Nieuws

In dit nieuwsdossier vind je het laatste nieuws van en over het Florence Nightingale Instituut. We houden je op de hoogte van relevante ontwikkelingen, maar ook van nieuwe themadossiers op deze website.

Verplegen in de thuiszorg

Thuiszorg is een koepelbegrip dat wijkverpleging, gezinszorg, kraamverzorging, ouderenzorg en zorg voor chronisch zieken en gehandicapten omvat. Nu ingrijpende wijzigingen in de zorg voor de deur staan, leidt het begrip thuiszorg nogal eens tot spraakverwarring.

Bets Bilgen (1906-1996)

Bets Bilgen was een enthousiaste en praktische verpleegkundige. Doordat ze wetenschappelijke theorieën een praktische invulling wist te geven, hielp ze de verpleging als vak verder. Haar enthousiasme, haar scherpe inzicht en haar arbeidsethos waren voor velen een belangrijke inspiratiebron.

Gezinszorg

De professional die organisatorische taken in een gezin overneemt, heet sinds 1997 verzorgende of helpende. Ook namen als thuisbegeleidster, ouderenhelpster of gezinshulp komen voor. Ze zijn afgeleid van de beroepsbeoefenaren die vanaf begin 20e eeuw in de gezinsverzorging werkzaam waren. Zij waren de praktische vervangsters van moeders, die hun taken in het gezin niet konden vervullen. Er werden hoge eisen aan hen gesteld. Hoe is het beroep van huisverzorgster - zoals de gezinsverzorgende vroeger heette - veranderd?

Verplegen in de wijk

Wijkverpleging staat volop in de schijnwerpers. Vergrijzing en bezuiniging maken dat de thuiszorg op een andere manier georganiseerd moet worden. Huishoudelijke hulp komt bij gemeenten te liggen, terwijl verpleging en verzorging een taak van de wijkverpleging blijven. De roep om de ‘ouderwetse wijkverpleegster’ weerklinkt. De vraag is dan natuurlijk wat voor iemand dat was.

Tijdlijn van de zorg

Welkom op de website van het Florence Nightingale Instituut. We beginnen bij onze eigen canon van de zorg. Zo zie je hoe verplegen en verzorgen zich tot op de dag van vandaag heeft ontwikkeld. Meer weten over de rijke geschiedenis van de zorg? Laat je dan verrassen door onze themadossiers vol verhalen, foto's, films en objecten over zorg vroeger en nu.

Literatuur

Wil je meer te weten komen over de historie van de verzorgende en verpleegkundige beroepen? We hebben een literatuurlijst met een aantal standaardwerken voor je samengesteld, die samen een goed overzicht geven van de ontwikkeling en de geschiedschrijving.

Bep Engelberts (1898-1965)

Anna Elisabeth Wilhelmina Christine Engelberts, roepnaam Bep, beschouwde haar verpleegkundige werk in Nederland en Nederlands-Indië als de vervulling van een gewone plicht. Daarmee was ze een voorbeeld voor velen en een onmisbare steun voor de artsen met wie ze samenwerkte.

Verplegen in de psychiatrie

Mensen met psychische stoornissen blijven tegenwoordig zo lang mogelijk thuis wonen. Ze worden ambulant behandeld of zelfs via internet. Patiënten heten cliënten. Oppassers en bewaarders hebben plaatsgemaakt voor verpleegkundigen of verpleegkundig specialisten in de GGZ. Lees hier hoe deze veranderingen tot stand gekomen zijn.

Lientje de Bussy-Kruysse (1858–1937)

Lientje Kruysse was een van Nederlands eerste gediplomeerde verpleegsters. Haar grote verdienste is dat zij kennis uit het buitenland in Nederland heeft geïntroduceerd. Zo heeft zij de wijkverpleging in diverse steden georganiseerd naar het toonaangevende Brits model.

Marianne van Driel Krol (1920-2003)

Marianne van Driel Krol werd in 1920 in Haarlem geboren. Zij zette zich in voor één brede basisopleiding voor verpleegkundigen. Haar initiatieven op het gebied van wet- en regelgeving waren doorslaggevend voor de ontwikkeling van de verpleegkunde in de 20e eeuw .

Jeltje de Bosch Kemper (1836-1916)

Jeltje de Bosch Kemper werd op 28 april 1836 in een welgestelde familie in Amsterdam geboren. Het was niet gebruikelijk dat beschaafde meisjes werkten of studeerden. Maar Jeltje wilde zich nuttig maken en stortte zich op de verbetering van de maatschappelijke positie van vrouwen en verpleegsters.

Verplegen in het ziekenhuis

Waar verplegen we de patiënt. Thuis of in het ziekenhuis? Tegenwoordig worden patiënten - onder andere uit kostenoverwegingen - eerder naar huis gestuurd dan 25 jaar geleden. Verpleegkundigen krijgen daarom steeds meer alleen met de ernstige ziektegevallen te maken. Hoe was dat in de 19e en de 20e eeuw? Hoe zagen ziekenhuizen er uit? Bestonden verpleegkundigen al en wat deden ze toen?

Nannie Blogt

Onze directeur drs. Nannie Wiegman, historicus en verpleegkundige van huis uit, blogt regelmatig. Dit gebeurt meestal naar aanleiding van actuele ontwikkelingen die zij in haar blog becommentarieert en in historisch perspectief plaatst.

Dag van de Verpleging

Als je op internet zoekt naar ‘Dag van …’ lijkt het wel of er elke dag iets te vieren of te herdenken valt. Je moet dus van goeden huize komen om je daartussen staande te houden. De ‘Dag van de Verpleging’ doet dat in Nederland al meer dan een halve eeuw. Waarom is die dag in het leven geroepen en hoe is de ontwikkeling verlopen? Gaat het om meer dan een plakje cake bij de koffie?

Hall of Fame

Wie zijn ze, die vrouwen en mannen die het beroep van verpleegkundige en verzorgende groot gemaakt hebben? Natuurlijk kent iedereen Florence Nightingale wel, maar al die andere ambassadeurs en voorbeelden verdienen ook onze aandacht. Hier zijn ze!

Kraamzorg thuis

In Nederland was thuis bevallen de normaalste zaak van de wereld, ook nadat in andere westerse landen de medicalisering van de geboorte toenam. Nederlandse vrouwen kregen hun baby lange tijd liever thuis dan in het ziekenhuis. Toch daalt het aantal thuisbevallingen aanzienlijk. Hoe gaat dat verder en wat betekent die afname voor het beroep van kraamverzorgende?

1850 - 1925

Vroedvrouwen en bakers

Wie in de tweede helft van de 19e eeuw thuis beviel, kreeg meestal hulp van bakers en vroedvrouwen. Bakers bleven meestal een paar weken in een gezin en zorgden na de bevalling voor moeder en kind. Het waren oudere, ervaren vrouwen die zelf kinderen hadden grootgebracht en andere moeders hadden bijgestaan. Vooral voor onervaren kraamvrouwen was de baker een steun en toeverlaat.

Over bakers deden wisselende verhalen de ronde. Ze zouden vaak lui, dronken en onoplettend zijn. Dergelijke bakers bestonden inderdaad, maar er waren ook toegewijde en bekwame krachten.

<
>

Porseleinen ‘Luie baker’

Dit theepotje van wit porselein met gouden randje komt uit Zweden en is gebruikt door een baker, die bakerde bij de rijke familie Van Velzen aldaar. Zo’n setje was het handelsmerk van bakers. Gingen ze uit ‘bakeren’ dan konden ze in zo’n handig klein theepotje, dat warmte kreeg van een komfoor, ...

... een potje thee zetten. Omdat de nachten in het kraamgezin vaak lang duurden en er altijd wel kraamdrankjes in huis waren om het feest van de geboorte te vieren, zat er soms geen thee, maar sterke drank in het theepotje. Vandaar de benaming ‘luie baker’, want daar werd ze wel slaperig van. Gevolg was nogal eens dat baker niet goed op de baby lette en deze ‘te heet’ gebakerd werd, dus in te hete luiers lag.


Titel
  • Porseleinen ‘Luie baker’

Periode
  • Van 1800 tot 1930





<
>

Trui Klein, een goede baker

Trui Klein was een competente baker, die menige moeder op voortreffelijke wijze door de kraamtijd hielp. De Utrechtse huisarts Ausems, die rond 1900 veel met haar samenwerkte, schreef enthousiast: ‘Trui was nooit vermoeid, altijd gelijkmatig van humeur, ijverig, stipt en betrouwbaar bij haar werk, pleegde geen ongerechtigheden, luisterde naar bemerkingen omtrent de verpleging en bracht ze in toepassing’.

Vooral dat laatste was voor artsen en vroedvrouwen belangrijk. Sommige bakers wilden of konden de moderne medische inzichten niet volgen. Ze hielden vast aan oude bakerpraatjes over gezondheid. Het sterftecijfer onder moeders en zuigelingen was ook daarom in deze periode hoog.

<
>

Kraammatrasje van kranten

Het krijgen van een baby was vroeger niet alleen een riskante aangelegenheid, het was ook een dure grap. Niet alleen de vroedvrouw en baker moesten betaald worden, ook de visite wist het kraamgezin te vinden en dronk graag een glaasje mee. Voor welgestelde families was dat geen probleem, bij arme gezinnen wel. Zelfs ...

... het hebben van schoon beddengoed was niet altijd een vanzelfsprekendheid. Om het matras tijdens en na de bevalling te beschermen naaiden de moeders van oude kranten een kraammatrasje. Dit van kranten genaaide kraammatrasje is een replica.


Titel
  • Kraammatrasje van kranten, gebruikt bij thuisbevalling

Periode
  • Van 1880 tot 1940





<
>

Beantwoord deze vraag en ontdek welke themadossiers voor jou interessant zijn.

De voor jou geselecteerde dossiers verschijnen naast elkaar. Je kunt via het pijltje in de rode balk aan de zijkant van het dossier verder klikken.

Verberg Voor jou, omdat je meer wilt weten over educatie